Dutch–English dictionary

English translation of the Dutch word glinsteren

Dutch → English
  
DutchEnglish (translated indirectly)Esperanto
(tintelen);
🔗 Een rood kristal glinsterde in het gevest van het zwaard.
(glinstering)
glitter
;
sparkle
🔗 Op een punt van die verre, zonverlichte kust zag hij het glinsteren van de torens van een witte stad en hij wist dat dit Jekkara moest zijn.
(tinteling; glinsteren)
sparkle

DutchEnglish
glinsteren glint; glisten; glitter; shimmer; sparkle
glinstering glimmer; glimmering; glint; shimmer; glittering; sparkling; sparkle; shimmering